Een moment…

Herziene besteding transitiegelden

In november heeft het bondsbestuur de leden een voorstel gedaan voor de besteding van de transitiegelden: een voorstel waar het hele jaar aan was gesleuteld, om een optimale balans te vinden tussen compensatie nú, en optimalisatie voor de lange termijn. Onze inzichten zijn echter door de werkelijkheid ingehaald.

Het verlies aan totalisatorinkomsten is een klap, vooral voor de kortebanen met grote omzetten. Door nieuwe afspraken met ZEturf, waarbij de vaste kassakosten vervallen, blijft de schade gelukkig relatief beperkt voor de kortebanen met kleinere omzetten. Maar het ziet er hoe dan ook naar uit dat de totalisatoromzet in 2022 zal tegenvallen. Dat komt o.a. door de strengere regelgeving waardoor de drempel voor het maken van een online account hoger is geworden, en doordat de incidentele (kortebaan)wedder nog zal moeten wennen aan de wedomgeving van ZEturf. 

Het idee om, bovenop de compensatie van onze leden o.b.v. werkelijk gerealiseerde omzet, een campagnebudget van € 25.000 per jaar (2022-2025) te reserveren (zie agenda jaarvergadering, agendapunt 6, bijlage 4) om het bezoek aan en het spelen op de kortebaan te promoten lijkt in elk geval voor 2022 kansloos. Daarom stellen wij voor het campagnebudget alsnog anders te besteden, gericht op het werven (en behouden) van zoveel mogelijk deelnemers aan de kortebaan: op alle manieren die ons ter beschikking staan, uiteraard onder de voorwaarde dat eindelijk de corona-maatregelen geheel of grotendeels van tafel verdwijnen.

Dat hoeft natuurlijk lang niet allemaal geld te kosten. Sommige dingen zouden mogelijk moeten zijn door een aantal reglementaire noodmaatregelen. Denk hierbij aan:

  • Behoud van de smaakmakers op de kortebaan, die door hun winsom straks op 310m dreigen te komen en dan al snel uit het circuit zullen verdwijnen. Beoogde maatregelen om dit te voorkomen: de maximale afstand tot nader order op 305m te stellen; of tijdelijke verhoging van de zgn. ‘1500-euro-regel’. Deze regel bepaalt dat paarden van 5 jaar en ouder met meer dan € 30.000 winsom vijf meter ontheffing (van 310 naar 305m) krijgen, ongeacht de vergunning van de rijder (dus geen leerling nodig), totdat zij in dat kortebaanseizoen € 1.500 hebben gewonnen. Wij zouden deze drempel tijdelijk kunnen verhogen naar € 5.000. Gesprekken met professionals hierover zijn echter wel op zijn plaats: in theorie zou zo’n maatregel ook de kansen van nieuwkomers kunnen schaden, waarmee het behoud van de één de succesvolle entree van de ander in de weg zit.
  • Het verruimen van de leerlingstatus (die sinds 2019 is gekoppeld aan die op de langebaan) om paarden in het circuit te houden die anders verdwijnen, maar ook om de deelnemerspopulatie te verjongen. Bijvoorbeeld het openstellen van de mogelijkheid een leerling twee paarden met ontheffing te laten rijden.

Er zijn ook ingrepen denkbaar die wél geld kosten maar ook echt kunnen bijdragen aan het werven van nieuwe deelnemers. De transitiegelden zijn, binnen de van het ministerie meegekregen ‘oormerken’, hiervoor in redelijkheid te bestemmen:

  • Stimuleren en belonen van het uitproberen van paarden op de kortebaan, en zelfs het aankopen van paarden vóór de kortebaan, door middel van een investerings- of loyaliteitsbonus. Bijvoorbeeld een bonus voor debuterende paarden na bijv. 6 deelnames (bijv. € 500 ongeacht gewonnen prijzengeld, of een premie bovenop het gewonnen prijzengeld tot maximaal € 1.000*). *dus bij €600 gewonnen, €400 bonus
  • Een breedtesportbonus voor langebaanpaarden die nog niet eerder op de kortebaan zijn gestart en vice versa: na 5 starts in beide disciplines een bonus van bijv. € 500. Dit kan ook voor ‘uitgelopen’ paarden op de langebaan nog een interessante carrièreverlening meebrengen. Ook hier moeten we natuurlijk professionele meningen peilen om te voorkomen dat maatregelen hun doel voorbij schieten.
  • Een investeringspremie vanuit de kortebaanbond voor bondsleden die met hun vereniging/stichting een collectief bijeen weten te brengen om een kortebaner aan te schaffen en in training te zetten. Bespreekt u deze mogelijkheid eens in uw bestuur! U kunt denken aan lokale trainers, oude bekenden uit uw netwerk enthousiast maken voor een terugkeer door als kortebaanorganisatie een aandeel te nemen, etc.
  • Ondersteunen van/deelnemen aan bestaande initiatieven zoals een paarden-aankoop-reis naar Frankrijk. Ook een vorm van deelname aan De Gele Kanaries: een veelbelovend initiatief van Peter Delis en Robin Goudsblom. Een participatie vanuit uw vereniging of stichting is zeker te overwegen, mits er voldoende paarden op de kortebaan in actie komen. Bij voldoende aanmeldingen vanuit de kortebaan gaan we graag met de heren in gesprek om meer zekerheid te krijgen over kortebaandeelnames.
  • Een extra bonus voor Nederlands gefokte paarden van € 250, bovenop de kortebaanfokkerspremies die al sinds enkele jaren vanuit ons collectief worden betaald.

Een heel interessant initiatief is ook de mogelijke organisatie van een interland (Nederland-België). Wij komen graag in gesprek met kortebaanverenigingen en -stichtingen die, met financiële ondersteuning vanuit (de transitiegelden van) de Bond, zo’n wedstrijd willen organiseren met 16 paarden (8 Nederlandse, 8 Belgische paarden). Een unieke kans om deelname voor Belgische trainers en eigenaren aantrekkelijk te maken. Bovendien: een jaarlijkse traditie ligt hier voor het grijpen. Heeft u interesse? Neem dan contact op met Frans Jansen, secretaris van de Kortebaanbond.